Waarom citroenen fantastisch zijn

Ik weet niet wat het is, maar ik heb iets met citroenen.

Lemons. Limones. Citrons. De woorden alleen al maken me blij. Vooral in de lente. Zodra de winter voorbij is en de zon gaat schijnen, gaat mijn kookbrein als vanzelf over op een andere categorie recepten. Verse basilicum, burrata en perziken komen om de hoek kijken. En jawel: er dansen opeens ook citroenen door mijn keuken heen.

Als ik ‘s ochtends beneden kom, kijken de knalgele glimmers me al stralend aan. Ze doen me denken aan een nostalgische reclameposter voor een onbezorgd flesje limonade aan het strand. Met zo’n vrolijk oranje-wit gestreept rietje. Het maakt dat ik de tuindeur wil opengooien, een bloemig tafelkleedje wil pakken en een rondedansje wil doen met Franse chansons op de achtergrond. Hoppa, tijd voor citroenlimonade!

Ik ben niet de enige die zo dol is op de citrusvrucht: in de kookwereld wordt ze volop geprezen. En niet voor niets. Soepen, sauzen, visgerechten, curry’s, pasta’s en pizza’s — eigenlijk worden alle dingen beter met een kneepje verse citroensap. En als je citroen niet in je gerecht kunt verwerken, dan kun je altijd nog een prachtig citroenschijfje ter garnering op je bord leggen. Zelfs als je een schnitzel serveert. Zeg nou zelf, dat is toch geniaal?

Vorige
Vorige

Hoop, koffie en een melodie

Volgende
Volgende

Stadswandeling zonder doel: zo word je een flâneur